De nevel, het gras en de eenzame figuur vormen samen een soort visuele echo van het gedicht - een wereld waarin stilte niet leeg is, maar vol van adem en herinnering. De melancholie hier is niet somber, maar zacht, alsof de tijd zelf even stilstaat om te luisteren.
Wacht al te lang
weet te veel
maar doe niets
Keel voelt droog
mijn stem kraakt
maar zeg niets
Liefde was blind
lust is verlopen
maar voel niets
Eindelijk een licht
warm en stil
maar zie niets
Ademnood wacht nog
op een nacht
maar roept niets
Fluistert mijn stem
in tere stilte
maar weet niets
Draai mijn hoofd
zoek de beker
maar kan niets
Zoek mijn kind
voel de massa
maar draag niets
Sluit mijn ogen
wacht op iets
maar verlang niets.
J.J.v.Verre.
